Rapport Rekenkamercommissie bevestigt functie dorpshuizen

Het college van B&W heeft kennis genomen van het rapport van de Rekenkamercommissie naar het functioneren van de Steenwijkerlandse dorpshuizen. Twee belangrijke aspecten in dit onderzoek waren de toegevoegde waarde van de dorpshuizen in de kernen en de zelfredzaamheid van de dorpshuizen.

Wethouder Tiny Bijl: 'Uit het onderzoeksrapport blijkt dat we met ons beleid ten aanzien van dorpshuizen op de goede weg zitten. Ondanks dat de dorpshuizen geen gemeentelijk eigendom zijn en onze bemoeienis beperkt is, hechten we veel belang aan het bestaan en functioneren van deze voorzieningen. Dat wordt ook bevestigd door een aantal belangrijke conclusies uit het rapport, namelijk dat de dorpshuizen een belangrijke plaats in onze kernen innemen waar inwoners elkaar kunnen ontmoeten en activiteiten kunnen ontplooien en dat de meeste dorpshuizen aangeven dat hun exploitatie goed is en dat zij zelfredzaam zijn'.

Een kanttekening is dat het onderzoek plaatsvond voor de coronacrisis. De maatregelen rondom deze crisis hebben effect op de exploitatie en het gebruik van de dorpshuizen.
'Hierop spelen we in door vaker contact met de dorpshuizen te onderhouden, advies en ondersteuning te bieden via het noodloket maatschappelijke initiatieven en het Vitaliteitsfonds. Maar ook door het promoten van de subsidies waarvan dorpshuizen gebruik kunnen maken en het bevorderen van onderling contact tussen de dorpshuizen. Dat laatste is belangrijk voor het eventueel samenwerken op het gebied van bijvoorbeeld vrijwilligers, financiën en duurzaamheid', aldus Tiny Bijl.